|
Dozen in de gang
De vergadering was in een Haags kantoorpand van enkele etages
hoog. Winkels eromheen, woningen erbij, een straat vol druk
verkeer, wat je noemt een levend deel van de stad. "We
gaan met de lift" werd er geroepen, en die kwam meteen.
Iemand hield de deur voor me open, snel stapte ik naar binnen,
de deur sloot, de lift was vol en zoefde vastberaden omhoog.
"Wat stond de gang vol," zei ik argeloos. "Al
die dozen, dat mensen toch zoveel boodschappen in één
keer doen, tjonge, dan heb je ook flinke kasten, hoor."
Het bleef even stil. Daaraan hoorde ik dat ik iets verkeerds
gezegd had, al begreep ik nog niet wat. Ik weer: "Zeker
een groot gezin, wat een broden, gelukkig bruin, dat is tenminste
gezond." Zo had ik de liftminuten kunnen volpraten, als
de antwoorden me niet tot zwijgen hadden gebracht.
Nee, geen boodschappen voor een groot gezin. Het was een
voedselbank. Een uitreikpunt, zoals er meer in de stad waren.
Tegenwoordig was zoiets normaal, elke grote stad had een voedselbank.
Bakkers doneerden het brood van gisteren, soms deed een supermarkt
mee, het eten kon eigenlijk overal vandaan komen, de mensen
die kwamen hadden honger, er was nood.
Tijdens de vergadering dacht ik aan het tafereel in de gang.
De dozen vertegenwoordigden een wereld die ik niet kende.
Organiseren, vrijwilligers, verdelen, komen brengen, kunnen
krijgen. Honderden mensen per week, elke week. Gelukkig dat
het bestaat en wat erg dat het gewoon is. Wie zijn die mensen,
dacht ik, misschien ken ik ze wel en zeggen ze het niet. Gaarkeuken,
bedeling, voedselbank, het zijn akelige woorden. We hebben
uitkeringen, extra fondsen, subsidies en toeslagen, en alles
wat er verder mogelijk is, met de bijbehorende mooie praatjes
over zorg en vangnetten, en dan hebben we ook nog de Voedselbank
die in de gemeentelijke begroting is opgenomen.
Het is goed en het is niet goed, en wat doe je eraan? Je
dom voelen, omdat je het wel wist, maar pas wakker schrok
toen ze vertelden waarom dat brood daar was.
Toen de vergadering was afgelopen, nam ik de lift naar de
begane grond, liep door de gang waar een paar uur eerder de
dozen hadden gestaan en keek even naar de plek. De gang was
leeg, de dozen weg. Er waren mensen geweest die honger hadden.
Heden zij, morgen wij. Ik opende de deur van het kantoorpand
en stapte de vertrouwde wereld in.

Onder de
bedrijfsnaam Mevrouw Vijf Producties
produceert Vilan van de Loo creatieve
teksten.
http://www.vilanvandeloo.nl |